In deze aflevering
Voor deze aflevering reisden Lars en Philippe af naar het hol van de leeuw: de zestiende-eeuwse podcaststudio van Alexander Klöpping in Amsterdam. De oprichter van Blendle en maker van de podcast AI Report is misschien wel de bekendste AI-evangelist van Nederland, en tegelijk een van de scherpste critici van het tempo waarin grote mediabedrijven op AI inspelen. Lars opende het gesprek met een bekentenis: de vragen voor deze aflevering waren voorbereid door OpenAI’s deep research, en het resultaat was ongemakkelijk goed.
Klöpping laat zien hoe diep AI al in zijn eigen werk zit: opiniestukken die hij al pratend insprekend laat structureren, een e-mailtool die vriendelijker antwoordt dan hijzelf, en een leesomgeving waarin hij elke krantenkop laat herschrijven in de stijl van The Economist. Zijn stelling: binnen enkele jaren wordt geen komma meer gepubliceerd die niet door AI is verwerkt, en de journalist wordt degene die de database voedt. De vraag is niet wat technisch kan, maar waar consumenten de grens leggen, en die grens schuift voortdurend op.
Het gesprek schuurt op de goede momenten. Klöpping verwijt uitgevers dat ze schaatsen naar waar de puck ís in plaats van waar hij heen gaat, en houdt DPG en de publieke omroep voor dat hun culturele relevantie onder jongeren op het spel staat. Philippe verdedigt de spagaat van de traditionele maker die ook een startup moet zijn. Waar ze elkaar vinden: wie zichzelf niet durft op te eten, zoals Google dat met zijn eigen zoekmachine doet, wordt opgegeten. En er liggen kansen genoeg, van gepersonaliseerde vormen tot journalistieke sterren met eigen teams, nieuwsbrieven en podcasts.
“De Volkskrant is een prompt. Het is een prompt over tone of voice, over selectie van artikelen, over wat voor mens je aan het woord laat.”
Alexander Klöpping · 30:23
Hoofdstukken
- 0:00 In het hol van de leeuw
- 1:40 Deep research bereidde deze podcast voor
- 4:00 NotebookLM: het kippenvelmoment
- 9:26 Wat is onvervangbaar aan de mens?
- 12:20 De journalist als vuller van de database
- 15:48 Binnen twee jaar schrijft AI als Willem Vissers
- 19:36 Wat accepteert een betalend publiek?
- 23:16 Zo schrijft Klöpping met AI
- 28:46 Alle krantenkoppen herschreven in de stijl van The Economist
- 30:23 De Volkskrant is een prompt
- 34:35 Het commodity-gevaar: uitgevers moeten de vorm beheersen
- 44:09 Google eet zichzelf op, en dat moeten uitgevers ook durven
- 48:46 Journalistiek rond personen: sterren en nieuwsbrieven
- 54:49 AI Report, het boek en het imperium
Transcript Lees het volledige transcript
Dit transcript is automatisch gegenereerd en licht geredigeerd; er kunnen onnauwkeurigheden in staan. Tijdstempels linken naar het fragment op Spotify.
Filip. We bevinden ons in het hol van de leeuw.
Ja, dat klopt.
In wiens hol zijn we beland en waarom zijn wij hier?
Nou, we zijn in de studio van Alexander Klöpping en Ernst-Jan Pfauth en in het centrum van Amsterdam een zestiende eeuwse studio, zoals Ernst-Jan altijd zegt. En ja, het is in zekere zin een hol van de leeuw, omdat Alexander zich vaak kritisch uitlaat over hoe grote mediabedrijven omgaan met vooruitgang. Dingen als AI niet snel genoeg volgens hem. Dus daar ben ik wel benieuwd naar. Maar veel belangrijker vind ik dat ie in die podcast die hier gemaakt worden obsessief bezig is met het verkennen van wat AI gaat betekenen. En dan vooral voor de media. Hij heeft dus die podcast met Ernst-Jan Pfauth, maar ook eentje met Wietze Hagen over AI en die er alles van af weet, een expert en ja daar die is veel beluisterd. En wat ik ook leuk vind daarbij is dat ze zelf de hele tijd in praktijk brengen. Het werken met AI dus. Dus de scripts, de nieuwsbrieven en zelfs de boeken worden met behulp van AI geschreven. En ja, daar gaan we Alexander natuurlijk ook naar vragen. En tenslotte bouwt hij een soort eigen medium imperium rond deze expertise. En ja, daar wil ik alles van weten. Omdat volgens Alexander de expert journalist is de. De persoonlijkheid is de toekomst van de journalistiek. Ja, en dat vind ik een heel interessante gedachtegang, dus daar wil ik ook naar vragen.
Oké, interessant. Zullen we naar Alexander toegaan?
Dat gaan we doen.
Alexander. Welkom dat je er bent bij de Media Innovatie Podcast. Echt. Dank je wel voor je tijd. Er zijn een hele hoop dingen die wij je natuurlijk willen vragen. Philip en ik. Waar ik mee zou willen beginnen is Ik heb. Vanochtend heb ik een deep search op jou losgelaten met het nieuwe model van UH van open AI de O3 model en dan meteen gevraagd Oké, maar kun je dan ook even de podcast voorbereiden? En kun je dan ook even vijftien vragen voorbereiden die ik jou kan stellen? En ja, het resultaat is eigenlijk zo goed dat basically deze hele podcast.
Maar waarschijnlijk de antwoorden die ik ga geven staan er ook al in. Dus ja, je kan je afvragen wat we hier doen. Oh my god, dit is.
Ik heb afgelopen weken de klassieke research gedaan als oudere journalist en gewoon alles geluisterd en gelezen en nagedacht. En ik ken je ook al veertien jaar dus.
En ik denk dat het voor de luisteraar wel wat betekent. Nou ja, dat wetende dat jij, die gaan liever naar jou luisteren Philip, dan toch naar die AI meuk? Dat denk ik toch.
Nou, dat is de kern van ons vak waar we over willen praten natuurlijk, Want ik was ook wel verbluft door het resultaat van die priesters, want ze hadden ook wel dingen, ja, die ik over het hoofd had gezien, die ik nog niet had gelezen of ook wel goeie dingen bedacht om je te vragen die ik weer over het hoofd had gezien. Maar inderdaad, Wij hadden toch een kleine epifanie. Een moment van onze vervangbaarheid is redelijk nabij. En heb jij zo'n moment ook wel eens gehad?
Maar als ik dan toch gelijk de vraag mag terugwerpen Ik ben enigszins geshockeerd dat dit de eerste keer is dat jullie dat die epifanie pas hebben.
Nee, nee, nee, dat is zeker niet de eerste keer. Nee. Nee, Maar ik.
Geloof wel Ja hoor, ik hier.
Vind.
Ik toch heel vreemd.
Ik vind inderdaad dat we Philip even streng moeten aankijken hier.
We zijn inmiddels toch al weer twee jaar verder. Philip.
Nee, ik eh. Ik heb natuurlijk wel al eerder dingen geprobeerd waar ik ook van achterover sloeg, maar dit was gewoon echt iets wat ik zelf ook gedaan had. En dat gerepeteerd zien en dat had ik inderdaad nog niet geprobeerd en dat is wel weer interessant.
Maar deze. Dit was dus wel weer goosebumps bij mij. Vorig jaar had ik dat met de introductie van het multimodale model. Jij vertelde in jouw podcast AI report waar we het later over gaan hebben, dat een van de goosebumps momenten was de lancering van NotebookLM en de stemmen van de podcast en het gesprek daarin. Die op gang kwamen. Kun je daar iets over vertellen? Even heel kort waarom dat een Goosebumps? Voor jou was?
Nou, wat? Wat Google als product heeft uitgebracht is NotebookLM. Wat is in de kern een podcast of een tool is waar je met AI in je eigen documenten kunt zoeken. Dus je uploadt PDF's of tekstbestanden of zelfs videobestanden en dan beperkt die zich tot die bestanden. Dus hij verzint niks en hij plaatst er voetnoten bij waardoor je kan terugzoeken of het wel echt klopt wat waar hij mee komt. Dat is wel een beetje innovatie nummer één die superbelangrijk is en bijna als een soort van after thought voegde ze daar audio overviews aan toe. Wat twee Amerikaanse podcasts hosts ja, een soort van naspeelt die over jouw documenten gaan praten. Dus als jij. Ik heb wel eens de transactiegegevens van mijn internetbankieren geüpload dat dacht. Kan hij daar mee aan? Kan hij daar iets grappigs van maken? Ja, en dan beginnen ze dus op oprecht te praten over dat je te vaak Ubers neemt en dat ook wat er allemaal nog meer opvalt. Dus ze praten daadwerkelijk engaging over de meest saaie gegevens.
Ik had het ook aan jou, aan jou laten zien, Philip. En van onze vorige podcast met Marty Baron. Die heb ik gewoon de podcast geupload en aan de podcast is gevraagd van Wees daarover. Nou ja, geef eens een kritisch verslag van deze podcast. En. Luister ook vooral naar de interviewers en de hosts. En of ze goed zijn of niet. En nou, they were marvelous and fantastisch.
Ze zijn heel enthousiast. Dat is überhaupt wel een ding met AI en we krijgen wat we vragen van die dingen. Dus dit is natuurlijk. Ze zijn zo enthousiast omdat wij dat als mensen eigenlijk chill vinden, dus dat is weer wat. Maar dat is misschien weer een ander probleem. Kijk de het ding met de waarom, waarom notebook en zo die audioversie zo doordrong tot mij is omdat ze de menselijke feilbaarheid erin gebouwd hebben. Er zitten oortjes in, er zit, er zit twijfel in, er zitten pauzes in. Er zijn oneffenheden in die het realistisch maken en dat is een belangrijke stap om te nemen in hoe wij als consumenten AI producties ervaren. Want je kan nog zo je kan er zo'n realistische stem kunnen luisteren van iemand, maar als het alsnog tekst is die geschreven is voor papier, die vervolgens wordt uitgelezen door een stem die wel echt is. En dan kan je denken oh nou, hij doet perfect naar wie dan ook na. Dat is dan één ding, maar dan gaan we alsnog niet naar luisteren. Het is gewoon geen prettige luisterervaring om naar een tekst te luisteren die voor papier gemaakt is. Nou, als je dan vervolgens twee mensen hebt die met elkaar discussiëren. Zo'n groot verschil maakt uit voor de dynamiek en je aandachtsspanne. Als ze dan ook nog een keer om elkaar moeten lachen, pauzes laten vallen en zelfs vertwijfeling toestaan, dan is dat al soort van next level. Dat is, dat vind ik, echt een heel, heel belangrijk moment dat gebeurde. Maar echt mijn ik was. Ik werd echt stil toen de functie ingebouwd werd. Dat je kan inbellen in de podcast. En dan zitten er dus twee Amerikaanse stemmen heel vrolijk met elkaar te praten zoals je dat gewend bent van de daily, die dan het gesprek staken om te zeggen wacht even, we hebben een beller en dat je dan kan praten en dat je dan met die twee host praat.
Het verandert voor mij. Wat er gelijk bij mij gebeurt is dat ik denk oké, podcasten is nu iets wat mensen doen. Vaak twee mensen tegenover elkaar die praten over stukken die iemand anders geschreven heeft. Dat vinden we normaal. En die vorm kan dus geautomatiseerd worden. En ook nog eens met het element interactiviteit. Wat jij? Weet je wat? Wij als podcast makers zouden nooit die interactiviteit op schaal kunnen nadoen. Wij met z'n drieën. Want je kan niet eindeloos mensen laten inbellen op het moment dat ze het luisteren. Het verandert wat de mogelijkheden zijn van wat je met het medium doet. Het verandert wat het wanneer een audioboek ophoudt, een podcast begint en een. Ja, wat is dat eigenlijk? Een interactief pod is een vorm die we helemaal nog niet kennen. Maar wat doet dat voor mogelijkheden met een journalistiek verhaal wat je wil vertellen? Mijn hoofd gaat daar zo hard van aan en dat heb ik nu de hele tijd met al deze nieuwe dingen die uitkomen de hele tijd brengen. Maar dan betekent dat dit voor dit ding, dat voordat. En dan gaat de markt er zo anders uitzien. En dan komt natuurlijk ook mijn ongeduld bij wat bedrijven als DPG media maken. De traagheid waarmee dat elke keer allemaal gaat. En dan denk ik ook ja, dit is. Ik maak me hier zorgen over, want het gaat allemaal te langzaam dus heerlijk.
Philip, Dan zijn we meteen op het spoor beland waar we willen zijn.
Toch? We zijn hier voor een masochistische reeks redenen gekomen in de in de zestiende eeuwse podcast studio van Alexander Shots Fired. We gaan daar zeker over hebben, maar ik wou toch nog even terug naar dat moment waar we het over hadden, over vervangbaarheid. En jij zei nog iets heel vriendelijks voor deze oude man van ze horen het misschien liever van jou. Jij hebt ook. Je doet heel veel met AI, je schrijft nieuwsbrieven ermee, scripts voor je podcasts en video's, voorbereidingen voor je tv optredens. Je bent zelfs in een boek nu met behulp van AI aan het maken, maar nog wel met een echte auteur. Dus je denkt heel veel na en dat horen we ook heel veel in podcast over Wat blijft er uiteindelijk over? Wat wil. Wat moet echt het menselijke aspect nog zijn in journalistiek? En wat, wat? Wat is dat voor jou? Wat is wat is onvervangbaar door de machine?
Poe, wat is echt onvervangbaar? Kijk, dat is niet dat er technisch kan. Dat is wat wij als consumenten bereid zijn om te consumeren. En waar die grens precies ligt weet ik niet. Dus ik moet dan vaak denken aan we kijken met z'n allen naar voetbalwedstrijden van mensen die tegen elkaar aan het voetballen zijn. We kijken ook naar mensen die tegen elkaar voetbal spelletjes aan het spelen zijn in een game. E-sports in een stadion. We zitten met z'n allen juichend voor twee nerds die op een podium een computerspelletje te spelen. Dat is wat wij doen als mensen. Maar wat we niet zo snel zouden doen, is in het stadion gaan zitten waar robots tegen elkaar voetballen. En. Daar zit dus ergens blijkbaar een grens van wat wij als, als consumenten, in dit geval van entertainment. Maar dat geldt voor nieuws ook wat wij acceptabel liggen, waar we de grenzen leggen. En het is dus niet altijd zo, want in deze metafoor is dus een deel computer gegenereerd. Het is niet zo omdat het door een computer gegenereerd dat per definitie niet accepteren. Er is daar een grens. En die grens, die verschuift de hele tijd denk ik. Ja, en technisch is het op dit moment ook nog niet zo goed dat we alles slikken wat die AI produceert. Maar als we straks een situatie hebben en daar zijn we over een paar jaar denk ik, waarbij het niet van echt te onderscheiden is wat die computer maakt, op welk gebied van informatie consumptie dan ook. Van vermaak tot nieuws. Ja, het is voor mij niet zo evident dat bijvoorbeeld de keuzes van een redactie of de keuzes van een individuele journalist voor de meeste mensen en altijd als meerwaarde gezien gaan worden. Dan de keuzes van een computer. Sterker nog. Ja, ik denk dat het pad is naar irrelevantie als je dat als je dat lang blijft vasthouden. Maar ik weet ook niet precies waar die grens wel ligt. Dus het is het is een antwoord op je vraag, maar niet techniek. Technisch denk ik dat er geen dingen zijn die niet kunnen door een computer.
Maar waarheidsvinding?
Ja, ik. Ik zou niet weten waarom een computer dat niet kan. Eerlijk gezegd. Een computer kan gewoon een mens opbellen en je. Nu worden restaurant reserveringen gedaan door Google en die dan zegt als jij zegt ik wil dat restaurant reserveren dan In Amerika belt dat ding dan daadwerkelijk het restaurant op en dan krijg je dus met een AI stem die een mens nadoet. Dus met u en A en pauzes enzo belt dan die mens die de restaurant reservering doet. En wat je nu ook al ziet is dat die AI de andere AI belt. Dan heb je twee AI die mensen aan het nadoen zijn met hun US en A's die dan de reservering regelen. Ja, ik zie niet in waarom een mens niet met een of een computer niet met een mens zou kunnen bellen om waarheidsvinding te doen.
Maar denk jij dat je, als je iets moet vertellen over de fractievergadering en je wil dat sub Rosa vertellen aan een journalist omdat je die vertrouwt dat je dat makkelijker en A aan AI gaat doen. Dat element of een document doorspeelt van jouw ministerie.
Of nee, nu snap ik wat je zegt. Ik bedoel het aan de kant van de hoe ik het als consument vervolgens consumeer. Ja, en bij de constructie van het ding wat ik heb geconsumeerd en ik vind het moeilijk om dat onder woorden te brengen, want het kan een artikel zijn, maar dat kan ook in een video zijn of een stuk audio. Ik denk dat geen komma die door een journalist getypt gaat worden in een of andere database zoals dat nu in een CMS gaat voor de site of in het systeem voor de voor de papieren krant. Ik denk niet dat over een paar jaar een komma die door een journalist is neergezet, noch door een nieuwsconsument op diezelfde manier gezien gaat worden. Ik denk dat alles wat wij gaan zien binnen nu en een paar jaar verwerkt is door AI. Of dat nou een verwerking is naar video of van tekst naar tekst. Dan kan het dus zo zijn dat een journalist bij een fractievergadering is of dat een journalist iets verteld wordt waar de journalist schrijft. Hij schrijft daar geen artikel over. Die journalist voedt gewoon die database en vervolgens wordt de het eindproduct, het artikel of hoe dan ook de vorm is die de consument op dat moment wil onder haar neus krijgt. En dus ja, waarheidsvinding. Het is dan het. Ik denk dan heel, een heel groot deel van hoe jij journalistiek produceert. Heel erg gaat veranderen. Dat neemt niet weg dat er iemand bij die fractievergadering moet zijn, maar ik een heel groot deel van journalistiek is. Ben je ook niet bezig met op de momenten zijn waar het gebeurt. Dit is ook heel veel verwerking die op de achtergrond plaatsvindt. Het samenvatten van andere stukken of weet je, het is heel veel ruis om me heen, denk ik stiekem.
Ja, nou, d'r is heel veel verwerking van informatie en dat en dat.
Zal allemaal verdwijnen.
Ja, of in ieder geval grotendeels geautomatiseerd worden. Maar daar wil je misschien nog wel een menselijke blik op met de ervaring die je hebt of met de ethische kant van de journalistiek die je in je hoofd hebt. Dan willen mensen misschien nog horen. En dat, dat zei je net aan dat met die sport vergelijking. Je wilt het misschien nog horen van een mens dat.
Ze de.
Vraag de delivery is misschien. Uiteindelijk gaan mensen vertrouwen op de delivery door de machine of gaan ze? Willen ze als mens toch liever iets van de mens horen of hun vertrouwen kunnen stellen in mens? Het moet toch Maarten van Rossem zijn? Of Wouter de Winther of Saskia Belleman?
Dit is wat ik me echt afvraag en ik weet het antwoord niet, Dus het is ook niet dat ik denk nee hoor, maar volgens mij heeft geen rol meer in het publieke debat, maar krijgt de avatar van Maarten van Rossem een rol in het publieke debat? Ik weet het oprecht niet. Gaan we dat accepteren? Als je het verschil oprecht niet meer kan zien tussen wat echt met hem is opgenomen in een studio met een camera en iets wat gegenereerd is vertellen. Ik weet het oprecht. Ik denk dat we rekening houden met het moeten houden met het scenario dat wij naar AI beeld van mensen gaan kijken.
Maar jij zegt dus eigenlijk het is niet zozeer dat het gaat gebeuren, maar dat we er rekening mee gaan houden of meer rekening zouden moeten houden. Want als ik kijk bijvoorbeeld naar de verfijning van die modellen het gaat vrij snel, maar als ik een mooi geschreven stuk van Willem Vissers pak of ik pak een AI die is getraind op Willem Vissers. Ervan uitgaande dat de techniek verder voortschrijdt. Ik zou die AI module waarschijnlijk Willem Vissers kunnen beschrijven kunnen schrijven als Willem Vissers. Was Willem Vissers dat echt doet? Ja, maar de vraag is omdat die modellen eigenlijk vrij generiek zijn, gebaseerd op vrij generieke informatie. Verwacht jij dat gaat gebeuren?
Ja, en iedereen die daar geen rekening mee houdt, die heeft een bord voor zijn kop. Binnen twee jaar is dit klaar. Dat denk ik echt. En ik en ik En ik. Ik raak er ook opgewonden van omdat. Al zo lang hoor ik nu mensen die literatuur schrijven of die een beetje de bijzondere journalisten van ons land, die een die een die een pen hebben, die. Weet je waar je jaloers op kan zijn? Ja, maar die mij die stijl van schrijven het gaat. Dat gaat gewoon perfect nagedaan worden. En als je echt nog denkt dat niet. Ja, ik, ik, ik, ik kan. Ik kan daar echt met mijn hoofd niet bij dat je dat je dat je dat nog aanneemt, dat niet, dat een computer dat niet kan nadoen. Nu al in veel gevallen, want ik denk dat de meeste mensen het nu al niet meer zouden herkennen met goede promoting. Het verschil tussen echt een maar over twee jaar uitgesloten.
Maar wat Willem Vissers opmerkt in de in de werkelijkheid van zijn voetbalwedstrijd en waar hij zijn romantische bevliegingen van krijgt die hij zo mooi kan beschrijven? Kan ai? Diezelfde bevliegingen krijgen op dezelfde momenten 100%.
Dat denk ik echt ja. En ik zou dus zeggen dit is de. Dit is de taak voor Mediahuis zoals DPG. Ga dit uitzoeken, ga kijken hoe ver je dit kan brengen. En nu is de neiging nog een beetje. En ik? Ik snap dat ook. Nu is de neiging om beetje om te skaten waar de puck is, maar mediabedrijven skaten nooit naar waar de puck heen gaat. Dat is ook mijn frustratie, want ik denk er is wat te verdedigen hier in en ik vind dat je dat moet doen. En ik vind dat je moet experimenteren ermee, veel meer dan dat er tot nu toe gebeurt. En ik? Ik denk dus dat je dit moet uitzoeken hoe ver je de techniek kan ja kan bewegen. En ik? Ik. Ik denk dat je er heel snel achter gaat komen dat dit gewoon kan en dat je dus ga voelen waar de pushback van abonnees ligt. Ga voelen waar ze eigenlijk als je het ze geeft snakken naar meer. Ga voelen hoe ver je kan gaan met personalisatie en wanneer mensen zeggen ho, dit is. Dit gaat te ver.
Want je kan. Je kunt je voorstellen dat je nu Willem Vissers voor al jouw amateur wedstrijden ook kunt in gaan zetten.
Op basis van een video. Ja, ja zou geweldig zijn toch?
Ja, ja dus. Er is ook een enorm voordeel te behalen in zekere zin.
Maar dit lijkt mij geweldig dat je dat je ouder bent en je en je hebt een kind wat voetbalt op zaterdag en dat je inderdaad de deze variant krijgt daarvan. Nee, maar ik denk als het betaalmodel ergens goed in zijn dan is het informatie verwerken van A naar B. En als die informatie er nog niet is het zeg maar. Ik vind waar het ding oorspronkelijk nu mee komt. Als je hem geen goeie context geeft, dan vind ik het vaak gewoon tegenvallen en merk je als je het ding een boek laat schrijven. Nu denk je oké, dit is echt heel saai boek, maar als je hem de ideeën meegeeft en je vraagt puur om een vorm verwerking te doen. Dat is zo goed al zo ontzettend goed.
Maar dan kan een mens dus nog steeds nodig zijn om de goede ideeën mee te geven.
Jazeker, en ik denk ook dat langzaam wordt wat de rol van journalist is in. In veel gevallen gaat dat het werk zijn, het vullen van de database. En dat klinkt heel oneerbiedig, maar dat is denk ik wel waar het waar het werk op neer gaat komen.
En hoe zie je die rol dan voor jezelf? Want je bent zelf een mediamakers journalist, influencer wellicht? Ik weet niet of je dat in jezelf herkent.
Maar het is oké.
Dat wil zeggen dat je een fantastische influencer bent.
Ja.
Jij bent ook waarschijnlijk wel argwanend naar de toekomst voor jouw eigen rol.
Ja, 100%.
Ja. En de en. Je bent kritisch op DPG, maar hoe kijk jij zelf vooruit, behalve de AI reports die je doet? Hoe? Wat? Wat? Wat? Wat test je zelf, bijvoorbeeld bij jouw publiek wat ze willen? Hoe wapen jij je daar zelf tegen? Want jij bent zelf. Je zit ook in de verdrukking, net als in zekere zin. Wij dat.
Zeker. Ja, ik, ik. Ik probeer de hele tijd uit te vinden wat de grenzen zijn van wat er kan en wat geaccepteerd wordt. Dus ik weet nu al dat als wij. Wij maken een betaalde nieuwsbrief die heet AI Report. En die kan je op een briefje geven dat als wij als wij gewoon erbij zeggen deze nieuwsbrief is door gegenereerd dat de meeste mensen een abonnement op zeggen dat denk ik. Dat is niet gestoeld door onderzoek, maar ik voel aan de manier hoe in het. Soort van in het publieke debat of hoe wij nu ja gewoon hoe wij nu kijken naar je eigen genereerde content. Dat we het gewoon niet trekken als je als je naar een soort van toneelstuk zit te kijken. Dat denk ik dus daar is een daar is een grens aan wat ik kan toepassen omdat mensen ervoor betalen.
Ja snap ik en heb je al.
Jullie zeggen ook aan het einde van de podcast van de muziek is door een echt mens gemaakt en de echte Sam heeft de montage gedaan en zo.
Maar dat is performance art.
Eigenlijk vind je dat toch een belangrijke aanbeveling denk ik.
Dat is het. Dat is puur omdat ik, omdat ik het heel voorspelbaar vind hoe er op gereageerd gaat worden en dat ik ook denk ja, op dit moment in de tijd is dit dus iets waar je mee te koop kan lopen. Dat het dat het. En ik, Ik moet ook zeggen, er zijn dingen die ik met AI maak waarvan ik niet echt graag wil zeggen dat het met AI genereerd is omdat ik gewoon weet dat ik er gezeik mee ga krijgen.
Want ik had laatst een moment zat ik in jullie gratis versie. Mag ik moet ik eerlijk zeggen van AI report te lezen. En toen dacht ik vond het een beetje bland geschreven dacht ik ja dat zal Alexander wel weer met AI hebben gedaan, maar misschien vergis ik me nou.
Er is altijd een samenwerking en ik vind dus dat het een dun snijvlak is. En ik vind dat je als je iets leest waarvan je denkt is dat AI, dan is het gewoon niet goed. En dat heb ik ook wel eens als ik als ik tekst lees en ik denk dat heel veel mensen hebben, ook collega's waar ze dan een memo van krijgen en waar je dan naar kijkt of een e-mail. En dat je dan kijkt dat je denkt ik lees chat GPT hier in en. En dat doet toch iets met je. Je voelt je dan toch niet echt gewaardeerd. Dus er is ook de rechtszaak. Om dat een beetje te verbloemen en betere modellen te gebruiken zou ik zeggen. Maar er is ook een element waarvan ik denk ja je. Natuurlijk is. Een heel groot deel van het werk wat wij afleveren. Heeft een computer daarmee geholpen? Dat is al zo omdat we een spellcheck doen. Daar zijn we al toch een aantal jaren niet echt meer verbaasd over dat we computers toestaan om onze teksten te checken. We accepteren het ook van mensen dat die een soort van redacteurschap over teksten heen doen. De teksten die je in boeken leest zijn niet geschreven door de auteur alleen, maar daar hebben andere mensen mee geholpen. Allemaal acceptabel. Ja, ik vind het eigenlijk heel normaal dat als ik een ingezonden brief naar de krant stuur, dat een samenwerking is met AI en ik Je merkt dat ik. Ik heb toen een grapje. Ik heb een grapje uitgehaald voor televisie programma van Eva Jinek dat ik ingezonden brieven door AI liet schrijven en dan kijken of die er door de deur kwam bij ons.
At heeft er drie tegelijk geplaatst.
Dat kwam allemaal gewoon door. Ja. En toen ik een stuk vervolgens wilde plaatsen in de Volkskrant, gewoon een opiniestuk van een onderwerp wat mij aan het hart ging, kreeg ik natuurlijk direct terug van het hoofd. Opinie Ja, heb je dit wel zelf geschreven? Met AI geschreven? En toen dacht ik ja, wat moet ik hier nou mee? Ja, natuurlijk heb ik het met AI geschreven. Wie ze maar wie? Waarom zou ik moet? Ik moet ik als een soort van monnik met een veer gaan zitten en dan tegenover jou, zodat je kan zien dat ik het zelf heb geschreven? Nee, ja, ik schrijf het samen en ik vind dat ook geen enkel probleem, want ik lever dit af met mijn handtekening eronder.
Maar hoe, hoe schrijf jij het samen en op welke manier pak jij dan Chat GPT.
Nou voor een opiniestuk bijvoorbeeld. Ik vind het ik. Ik vind schrijven zelf niet leuk. Ik praat makkelijker. Ja. En dan vind ik het heel fijn om iets in te spreken in stream of consciousness. Dan vervolgens laat ik dat structureren door dat ding. Dus dat is dan heel, heel praktisch. Zeg ik gewoon nou, dit is een stream of consciousness ding, maak hier iets fatsoenlijks van. Dit moet voor. Dit wordt een stuk in de Volkskrant van X woorden. Gebruik dit keer maar iets meer, want we gaan dadelijk schrappen. Dus maak eerst maar eens een eerste opzet. En dan ga ik een beetje in gesprek met dat ding, zeg maar. Ik vind dat je hier te lang bij stilstaat. Ik vind het einde eigenlijk beter dan het begin.
Dus dat doe je ook nog. Dat doe je ook nog in audio of dat tik je in of zo.
Ja, als ik. Alleen ik vind het gewoon ongemakkelijk als er andere mensen bij zitten om dat hardop te praten. Maar als ik alleen ben, dan spreek ik het allemaal in via een chat GPT.
Al pratende kom je dan tot een, een, een uitgeschreven tekst.
En dan zeg ik nou, ik vind deze stijl eigenlijk niet zo fijn. Of deze, deze tone of voice. Dus dan. Ik heb een heel prompt met hoe mijn schrijfstijl in allerlei verschillende soorten producties eruit ziet. Dus ik Mijn schrijfstijl in een opiniestuk is anders dan als ik weet ik veel een e-mail schrijf naar mijn moeder.
Archaïsche, deftiger.
Nou ja, God, het is natuurlijk anders. Cartoon. En ik weet ook je gedraagt je naar de ongeschreven regels van de.
Medium.
Ja, van het medium. Dus natuurlijk ga ik schrijven voor de opinie katern van de Volkskrant dan. Dus ja, dan voeg ik dat er nog aan toe. Op een gegeven moment zit ik ernaar te kijken. Nou, ik vind m best wel oké. Dan ga ik zelf een beetje schrappen, wat woordjes veranderen en op een gegeven moment heb ik het wel.
Nee, maar dat vind ik ook volkomen legitiem. Maar ik ben wel heel benieuwd hoe je de e-mail aan je moeder schrijft. Kun je dat ook nog schrijven?
Nee, dat is een fout voorbeeld. De die dat doe ik niet. Maar bijvoorbeeld als ik mail over weet ik veel over contracten of zakelijke e-mails, dan is het wel Eigenlijk gaat er altijd wel een overheen. En dan schrijf ik de basis zelf. De ideeën schrijf ik zelf.
En is dat altijd chat GPT of is dat weer een ander tooltje? En in je mail app bijvoorbeeld?
In het geval van als ik schrijf gebruik ik Claude van Anthropic. En als je heel precies wil zijn het 3,5-model.
Want dat vind ik heel aardig. Ik denk dat heel veel mensen zich dat niet realiseren. Dat sommige modellen gewoon beter zijn in dan in dingen dan andere modellen en dat je het beste model gaat kiezen voor wat je wil zou willen bereiken.
Ja, ik. Ik zie mezelf wel een beetje als een soort dirigent die bepaalt wie laat welke partij spelen. En voor schrijven gebruik ik meestal Anthropic. En als je soort van voorbereiding inderdaad wil voor een podcast dan is OpenAI's Deep Research heel erg goed. En zo gebruik ik verschillende modellen. E-mail doet mijn e-mailprogramma zelf, dus ik weet eerlijk gezegd niet welk model die op de achtergrond gebruikt.
Maar hij A. Hij antwoordt nog niet zelf.
Nou ja, hoe dat ding werkt, dus dat is een e-mailtool, het heet Shortwave en dat ding bouwt geheugen op over jouw wensen. Dus als jij zegt als ik met Philip mail moet je altijd daarin vermelden dat bla dat kan. Je kan ook. Hij pakt ook alle e-mails die je hiervoor hebt beantwoord en die schrijfstijl neemt hij over en hij doet heel erg zijn best om jou instructies te volgen. Dus bijvoorbeeld ik heb de neiging om heel kort af te zijn en dan maakt hij daar gewoon een veel vriendelijker mailtje van. Als ik dan zie wat hij dan maakt denk ik ja dit is inderdaad beter.
A better me.
Ja better me. Zeker.
Maar dat controleer je nog wel altijd.
Nou uiteindelijk stuur ik de mail en wil ik dus ook dat het mijn. Ik wil niet dat het genant is omdat het zo duidelijk niet van mij komt, maar het voelt als ik zeg dit voelt als mij, dan is het dus mij.
Ja maar je checkt.
En dan moet ik niet moeilijk over doen. Ik vind dus ook niet dat krantenredacties daar moeilijk over moeten doen. Dus ja, dan kun je heel lang tegen gaan vechten. Maar dit is het. Het is er nu, gebruik het, het is fantastisch.
Ja. En denk jij dat de acceptatie daarvan door mensen, dus die mensen niemand e-mails ontvangen en zo, maar die wordt dus ook groter in de loop van de tijd.
En zeg maar nu is het nog zo dat als je die tekst laat genereren, dat je dan. Nu denk je nog af en toe een lelijke robot tekst. Het is alweer een stuk minder dan twee jaar geleden. Het is al een stuk beter en over twee jaar is het onmogelijk om het verschil te zien.
En ja. Maar het is denk.
Je ook dat mensen het terug kunnen gaan prefereren. Want je kunt je bij auto bijvoorbeeld voorstellen dat Mensen vinden t nu nog heel eng om zo'n stuur in dat luchtledige zien draaien. Als ik mijn post maar misschien over drie jaar zeg Ja, ga jij nog bij een taxi met een echte mensen erin? Het is veel veiliger om in de. Om in de zelf verstuurde auto.
Praktisch voorbeeld ik trek het bijvoorbeeld vrij slecht om. Artikelen te lezen in het Engels die door wetenschappers zijn geschreven. Ik vind gewoon wetenschappers kunnen niet schrijven. Hetzelfde geldt voor juristen op een of andere manier tijdens een studie. Rechten leer je op een manier praten die gewoon er niet in gaat bij mij. En alle teksten die ik niet trek, laat ik herschrijven. Ik ga het niet eens. Ik ga niet eens het origineel. Ik, ik. Ik constateer dat ik het belangrijk vind om te lezen, maar ik raak het origineel niet eens aan. En dit is dus ook wat ik doe met de keuze inmiddels die ik maak. Ik heb Alle kranten van Nederland komen bij mij binnen, maar ik lees geen oorspronkelijke kop zelf. Al mijn koppen laat ik herschrijven in de stijl die ik wil.
Ik beschrijf hoe je dit doet. Hoe ziet jouw consumptie eruit dan? Van dit soort artikelen?
Nou, dit is een. Er is een RSS reader. Die heet Reader van Readwise en dat is een betaalde tool. En daar kun je RSS feeds laten binnenlopen, zoals die van de kranten.
Dat is al een best ouwe tool, want dan kun je gewoon die dingen bookmarken en dan kun je terug lezen.
Ja, daar was het oorspronkelijk voor, dat voor highlighten, maar inmiddels hebben ze er ook een RSS reader. Waarbij je dus één prompt kan toepassen over alle content heen. Dus in plaats van dat je dan naar de leads zit te kijken die door journalisten is geschreven, die altijd een vorm van clickbait in zich heeft, of een vorm van attentie trekken zeg maar Ik betaal met mijn tijd voor jouw content. Dan moet die content geleverd worden zoals ik dat wil. En dat is door het samen te vatten, mij te vertellen wat de kern van de zaak is en niet mijn aandacht proberen te zuigen en wat kranten doen en dus dat. Dat filter ik allemaal weg en dat is fantastisch. Dus ik kan gewoon voor. Als ik bijvoorbeeld met mijn eigen podcast voorbereid, dan lees ik alles in de stijl van de Economist en dat is heerlijk. Alles wordt korter, alles feiten en cijfers gaan naar boven. Het is totaal Pyramid Principle allemaal. Ik vind dat heerlijk. En dan heb ik nog steeds de content die vergaard is door journalisten waar ik voor de helderheid ook voor betaal, maar de. De uitingsvorm is er een die veel beter bij me past en het gaat volledig automatisch.
En zouden wij dat eigenlijk ook gewoon moeten ontwikkelen?
Natuurlijk zouden jullie dit moeten ontwikkelen, ja.
Dus dat je dat je dat je als consument daar de optie voor hebt van nou wil je deze vorm, wil je deze vorm of wil je deze vorm?
Want nu is het nu is een het is. Maar dit is mijn grote frustratie met nieuws merken is dat ze. Weet je, een merk als de Volkskrant of een merk als Het geldt ook voor de Telegraaf en dat geldt voor alle nieuws. Merken zijn heel breed. Het is nog steeds een soort van verzuiling ding wat? Wat? Een soort van pak dezelfde groepen, plak er een logo boven en dan heb je hele tone of voice en selectiecriteria. Dat is echt. Het is gewoon een prompt, zeg maar. De Volkskrant is een prompt. Het is een prompt over tone of voice. Het is een prompt over selectie van artikelen. Het is een prompt over wat voor mens je aan het woord laat. En dat is niet iets wat ooit expliciet gemaakt is. Dat is gewoon iets wat je leert als je op zo'n redactie meeloopt. En als lezer kun je het ook een beetje meekrijgen. Je zou dus kunnen zeggen vraag aan een taal model om het prompt te maken wat onder de oppervlakte zit wat je niet doorhebt. En dan zou je dus kunnen zeggen oké, dit is het prompt van de Volkskrant, maar eigenlijk is die heel breed. Als je de doelgroep van Volkskrant bekijkt, kan van iedere krant zijn. Dan bestaat eigenlijk uit vijf uit vijf, vijf subgroepen die eigenlijk allemaal net iets andere interesses hebben. Nou, misschien is dat dan iets waar je naar kan gaan cateren en lukt het dus ook dan beter om de Volkskrant als een veel relevanter merk te laten voelen voor mensen?
Voor iedereen eigenlijk.
Voor al die individuele doelgroepen die daar eigenlijk stiekem onder zitten. En ik denk dus dat belangrijk is, omdat we naar een wereld toe gaan waarin mensen opgroeien met alleen maar algoritmische feeds en we aan de onderkant van de markt. Dus waar mensen jong zijn, dus opgroeien met het idee dat alles geselecteerd is door een algoritme en in veel gevallen ook steeds meer denk ik. Ik denk dat daar het eerst gebeurt dat ze naar AI content zit te kijken wat op TikTok al gebeurt.
En op maat gemaakt.
En op maat gemaakt. En aan de andere kant van. Maar heb je de mensen die betalen voor journalistiek, Dus dat zijn de mensen die je betalen voor een krant omdat het een soort van burgerschap ideaal is en je praat met je vrienden erover en het geeft je identiteit en alle andere redenen om een abonnement op een krant te nemen. En je wilt steunen natuurlijk.
En ze willen misschien ook wel goed geïnformeerd zijn en zijn nog aan deze manier gewend dat is voor geld voor ja.
Ik denk dat.
Het overgrote deel van onze abonnees.
Ik denk dat secundair belang is, goed geïnformeerd zijn. Ik denk dat in eerste instantie een krant iets is wat jou tot de tot een groep laat behoren. Dat je dat je in een groep kan. Ik denk, ik denk in de kern een krant iets is wat je het gevoel van veiligheid geeft omdat je weet waar je bang voor moet zijn en omdat je weet waar je met zijn allen over kan praten zodat je een ingroup en een outgroup hebt. Ik denk dat in de kern is wat journalistiek is.
Maar ja, dat ben ik niet met je eens.
Maar ik ben.
Niet.
Zo heel veel, maar in ieder geval de daar. Heb je nog een groep mensen die dan zegt ja, ik vind het belangrijk dat de selectie van de redactie Heel helder is dat het niet allemaal gepersonaliseerd is. Ik wil dat niet, dat we niet in filterbubbel terechtkomen. Ik wil dat je wars van fake news. Dat is gewoon. Dat is een hele heldere groep die betaalt voor journalistiek, die waarde heel belangrijk vindt. Maar ik denk wel dat dit zijn twee hele grote uitersten. En het is niet nodig om te. Om alleen maar het laatste te blijven doen. Je kan het allebei doen. Sterker nog, je kan al die grijstinten daartussen bedienen. En ik denk dus dat het nodig is om daarmee om die. Om die om die vormen aan te brengen en te experimenteren ermee. Zodat je gewoon. Zodat je relevant blijft. Ik ben zo bang dat jonge mensen niet meer opgroeien met nieuws merken omdat ze via Instagram en via andere algoritmische platforms geen benul meer hebben van wat wij als oudere mensen zien als betrouwbaarheid, betrouwbaar merk of als betrouwbaar is, überhaupt al een ideaal is waar jongere generaties op dezelfde manier naar kijken. Dan vind ik dat er een grote verantwoordelijkheid is voor de hoeders van de democratie om die vormen te toe te passen om hen erbij te houden.
Ja, dat is een hele mooie oproep en daar ben ik ook helemaal mee eens.
Maar aan de slag dan.
Ja, ja, ja, we gaan aan de slag Alexander.
Maar ik geloof dat niet, dat jullie echt aan de slag gaan. Dit is wel mijn frustratie dat ik denk ja waar, waar blijft dit nou uit dat jullie hiermee aan de slag zijn? Want het moet wel. Dit is DPG is een van de twee. Nou misschien een beetje NOS of zo erbij NPO waar het van moet gaan komen. De soort van strijd tegen TikTok, de strijd tegen.
Nou ja, want dat wilde ik jou vragen. Wat economisch. We zien nu opnieuw zeg maar platformen AI bedrijven die vormen heel erg gaan beheersen en het en het cateren en het personaliseren van je informatie en het andere manier. En jij zegt aan de andere kant journalisten gaan alleen nog maar de ja de ruwe grondstoffen leveren voor een journalistieke productie. Is het dus van belang dat de uitgevers zelf en de mensen die de journalisten betalen. Eigenlijk dus die, die instituties, dat die zelf ook die vormen beheersen omdat ze anders alleen nog maar de commodity leveren, zoals muzikanten aan Spotify. Alleen de commodity leveren En dan en dan gaat de prijs omlaag en dan kan je er nooit meer zoveel goede journalistiek van betalen. Dus dat.
Klopt.
Dus ik ben.
Daar echt bang voor.
Ja dus. Dat is de grote reden dat wij zelf ook die vormen moeten ontwikkelen en die AI moeten toepassen. Ja, en dit is onze gebruikerservaring.
Ja. En ik ben nu natuurlijk een beetje aan het zeuren op DPG, want ik ben DPG podcast vind ik dan grappig, maar dit is hetzelfde geldt voor de NPO dat ik denk ja de we nog steeds voor een televisieprogramma als Nieuwsuur wordt eigenlijk gewoon puur gemaakt voor lineaire televisie. Die mensen houden zichzelf voor de gek dat door een paar YouTube video's online te zetten, per week of per maand, ik weet het niet eens gemaakt voor YouTube die dan goed bekeken worden dat ze dus ook iets doen voor mensen onder de vijftig. En ondertussen is er een NPO start app die gewoon. Die is twee jaar geleden of zo. Hebben ze hem opnieuw gemaakt. Nooit meer wat aan gedaan. Het is een verschrikking, nog steeds. Het was een verschrikking. Toen hebben ze m opnieuw uitgevonden en nog steeds verschrikking. Distributie maakt dus de app de verschijningsvorm van de content maakt of mensen het onder ogen krijgen. De YouTube app voelt iedereen die bij de app 30 seconden uit elkaar probeert. De YouTube app is duizend keer beter dan de NPO app. Hij houdt je beter binnen, je kan hem makkelijker in navigeren, je kan er makkelijker vinden wat je zoekt. Als je hem opent. Je hebt überhaupt meer zin om hem te openen. Het is schandalig dat de content die wij maken die de publieke omroep maakt met al dat geld wat ze ervoor krijgen en wat ik ook volledig terecht vind, dat terechtkomt in zo'n verschrikking van een van een app. En het in feite is het gewoon een soort van leeftijdsdiscriminatie. De, de er gaan miljarden worden er uitgegeven voor hele belangrijke doelstellingen in onze democratie. Maar de manier waarop het wordt gediscrimineerd is nog steeds voor een heel groot deel. Lineaire televisie, daar werken redacties voor met die fucking focus op lineaire kijkcijfers. En dan een beetje on demand omdat we dat dan nieuw en gaaf vinden. Maar ook dat is Het is zo'n achterhaalde KPI en je vergeet de 10-jarige, de twintig jarigen, de dertig jarige. En ik vind het zo erg.
Dat Jij vindt het de verantwoordelijkheid van DPG, van de NOS, van de publieke omroepen, dat ze daarin gaan diversifiëren, Dat aansprakelijk maken voor jongeren en andere doelgroepen.
Ja, realiseer je dat de. Dat de dat het niet meer zo vanzelfsprekend is voor jonge mensen om naar DPG merken te kijken als het er op aan komt. Ja en dat was vroeger zo en nu is er gewoon zoveel keuze dat minder voor de hand ligt. En er zijn zoveel meer mensen die makkelijker kunnen maken dat je hele bestaansrecht staat op losse schroeven. Niet nu, want nu zijn er nog heel veel boomers die betalen voor abonnementen en ja, ook steeds meer jonge mensen die betalen voor abonnementen. Het zal allemaal wel, maar de culturele relevantie van die merken staat denk ik onder big tech uit China en Amerika totaal onder druk.
Hoe denk je dat die strijd met de platformen dan zich gaat ontwikkelen? Gaan uiteindelijk die de grote AI bedrijven ja onze manier van consumeren domineren omdat ze misschien wel via de bril met je interacteren of via dat ding op de piano voice beter gaan hanteren. En wat moet de content leveranciers wat journalisten zijn en uitgevers? Wat moeten die doen om in die storm te overleven en.
Betere producten maken en.
Daar staat het los van de content, dus.
Beter een deel gaat.
Het.
Over.
Breng je de content.
Kijk, ik denk dat wat ik interessant vind aan bijvoorbeeld Substack is dat het je dwingt om het disciplineert. Heel erg om te. Om je eigen doelgroep te verzamelen van een individuele auteur of van een onderwerp om precies te schrijven waar mensen voor willen betalen. Het is volkomen attribute weerbaar waar mensen voor betalen en waar mensen abonnementen voor nemen. En ongetwijfeld zal ik uiteindelijk ook wel weer bundels gaan maken van verschillende journalisten en ben je uiteindelijk toch weer terug bij een krant. Dat snap ik allemaal, maar de het concept van Substack, een abonnement nemen op een individueel persoon is denk ik disciplinerende voor wat die persoon maakt en.
Hij blijft bij zijn leest.
Ja, dat bedoel ik en bedient waar het publiek om vraagt. Met, met geld, ja. Dus ik denk dat ook voor journalistiek, in de modellen die je hanteert en in de je de software die je erbij maakt. Dit geldt ook voor audio en dit geldt ook voor video. Dat het dus invloed heeft op de content die je maakt. Dat is één deel en het andere deel is hoe komt de content tot je? En weet je, uitgevers zijn lang geen tech bedrijven geweest.
Dus zijn we nog steeds niet.
Nog steeds niet. Er wordt wel steeds meer in geïnvesteerd en is al echt heel veel beter dan dat het tien jaar geleden was. Echt heel veel beter. Maar het is nog steeds niet het. Af en toe voelt het alsof je nog steeds niet de hete adem voelt van. Ja, bijvoorbeeld de makers van die grote modellen. Maar het gaat ook gewoon over Google. Het gaat ook gewoon over Apple en andere grote tech bedrijven die ook gewoon je jullie taart willen opeten. Om, om mee te gaan en iets beters te maken. En ik denk dat kan omdat jullie je specialiseren in iets. En dat doet Google niet. En als je dat niet. Ja, ik voel zo weinig bereidheid. Er zit nog steeds te kijken naar fucking pdf PDFjes van de van de krant.
Nou, die zijn heel populair, dus dat doen we voor een bepaald publiek. Dat hoef jij niet te lezen.
Ja, maar wat ik dus voel is dat daar nog steeds focus op is. Er is nog steeds focus op waar de puck is in plaats van op waar Puck heengaat. En als dan, als dan de. De overtreffende trap van de pdf is oké, maar nu maken we er een soort van native interface van, waar dan dezelfde verhalen op dezelfde volgorde maar dan onder elkaar staan zodat je erdoorheen kan scrollen. Ja, daar zit ik nu al tien jaar naar te kijken. En hoe kan het dat aan de ene kant het allemaal zo snel gaat, er zoveel creativiteit is, zoveel ja, zo'n zo'n uurtje om te vernieuwen.
Maar dit is zo'n meta vraag. Als je kijkt naar andere titels als die ik aanneem is de New York Times zei Doe ik ook.
Allemaal prut.
Ja dus, want dat past. Ik bedoel, wij vinden The New York Times eigenlijk best wel dat we denken wow, dat ziet, die app ziet er. Die nieuwe app ziet er echt goed uit in onze beleving, maar waarschijnlijk niet goed genoeg voor een hele hoop subgroepen. Dus nog niet genoeg.
Niet om relevant te blijven en ik denk dus dat weet je.
Maar dan de fundamentele vraag hoe kan het dan dat wereldwijd die hele club in jouw ogen niet in staat is om de vernieuwing zo ver door te voeren? Snel genoeg om die nieuwe doelgroep aanspreken om verschillende producten te maken om daar kwaliteit te leveren die past bij deze tijd. Hoe kan dat dan?
Ja, dat is denk ik een vraag die jullie beter kunnen beantwoorden dan ik. Ja, maar.
Jouw antwoord.
Zal ik. Zal ik een.
Ja, doe een poging.
Ook een poging wagen. Kijk het je. Jij zegt Jullie kijken naar waar de puck is. Maar het is natuurlijk ook zo. Je maakt ook iets voor een publiek dat daar is en dat het grootste deel van de rekeningen betaald. En dat moet je ook goed blijven doen. Dat is ook heel belangrijk. Dat is een goede basis om vanuit te werken. Maar vervolgens moet je dus in één ziel twee of twee zielen in één borst verenigen, die van de ja van de traditionele maker en daar heel goed in zijn. En dan, en dat gaat ook over hoop, intellectuele moeite, in, in, in, in wordt daarin gestoken. En aan de andere kant moet je een soort startup zijn en dat zijn twee hele verschillende mentaliteiten. En jij, Jij kent ze alletwee, want jij komt uit de startup wereld, maar je altijd gepraat met de met de traditionele makers en dat is iets dat soms elkaar in de weg zit. Dat en dat is precies wat jij wat jij beschrijft, dat je als je te veel aandacht hebt voor waar de puck is, niet genoeg aandacht voor waar de puck heen gaat. Maar je kunt ook niet alle aandacht verleggen naar waar Puck heengaat. Dus die balans die is moeilijk in beweging te krijgen. En daar, ja daar, daar worstelen wij.
Mind you, Dat geldt ook voor techbedrijven. Google Search had het even ontzettend moeilijk de afgelopen twee, drie jaar en waarschijnlijk nu nog. En. Bing wilde dat graag heel radicaal veranderen, want zij hadden niks te verliezen. Google had heel veel te verliezen in het in het omver gooien van Google Search via de LLM's, via de nieuwe zoekmodellen. Daar hebben ze wel even flink onder hoogspanning gestaan. Volgens mij doen ze dat nu nog, dus dat betekent dus dat er een model is wat, wat, wat staat. En dan moet je vanuit dat model moet je gaan zoeken van wat zijn de manieren om te innoveren?
Ja, maar ik denk het een heel goed voorbeeld is van een bedrijf wat zichzelf bereid is om dat bereid is om zichzelf op te vreten.
Maar zijn ze dat dan doen in jouw beleving?
Omdat ze dus in essentie is de. Ik denk dat de kans heel groot is dat mensen niet meer Google gaan. Nu al en over een tijdje helemaal niet meer om te bedenken waar je laptop gaat kopen. Ja, dat ga je niet vragen aan Google, want dan krijg je tien linkjes waarvan er drie gesponsord zijn, zeven resultaten geven. Dus ik heb al heel lang ik weet oprecht niet waar ik nog voor Google Oprecht. Ik zit nu te denken waar google ik voor? Ja, misschien om een om een. Als ik iemands geboortedatum wil weten of zo? Ga ik dat googlen? Of de definitie van het woord dat niet eens. Ja dus. Maar ja, waar ga ik dan heen? Nou, in veel gevallen een chatbot. Van Google dus. Ja, zei en Zij bouwde de. Zij bouwen op dit moment. Ja, sommige van de beste AI producten komen. Bij Google vandaan. Ja, en dus zij zijn bereid om zichzelf op te vreten. Dat. Ik vind juist Google een heel goed voorbeeld van hoe je dat dus moet doen.
Ja. Ja. Dus je zegt eigenlijk.
Je moet jezelf op durven vreten.
Je moet on.
Your own business model or someone else will.
Ja, ja. Ja. En ik? Ik. Ik. Ik geef toe, Ik denk dat. Ik denk altijd denk dat ik dat dingen sneller komen dan dat ze daadwerkelijk komen. Dus ik hoor mezelf ook praten en dan denk ik ja, ik was ook te vroeg in mijn leven aan het zeuren over dat papieren kranten allemaal doodgaan en dat je. De iPad gaat alles veranderen. Ik heb ook dingen. Ik heb ook gedacht over dingen dat ze zouden gebeuren die uiteindelijk niet uitkwamen. Ja dus ik heb. Ik heb ook altijd bij mezelf in het achterhoofd soort van ik, ik. Ik heb dat stemmetje ook echt wel in mijn hoofd.
Dat doet ons deugd om dat te horen Alexander.
Maar dat ik zou ik hoop, ik hoop niet dat we Ja, ik ja, dat moet je ook niet lui maken. Nee.
Nee, nee, dat is.
En ik denk ook dat deze tijd vraagt om, om doorschakelen. Dat denk ik wel echt, want er gaat een hoop veranderen in de weet je als dit soort taal modellen, wat doen ze? Ze maken teksten, ze maken audio, ze maken video, ze maken plaatjes, ze maken alle dingen die jullie maken. En dit is wel echt even van een andere orde dan een technologiebedrijf wat met een groot stuk glas uit komt waardoor je in plaats van papieren krant en een iPad kan gebruiken. Dat vonden we een revolutie. Dit is wel echt even op een ander abstractieniveau ingrijpen.
Ja, dit vind ik. In de creatie zelf grijpt dit.
Helemaal in de kern en ook in de distributie en ook in de. Nou ja.
Nee, Je hebt helemaal gelijk. Een van de dingen die je ons ook voorleeft en waar je ook vaak over praat in je podcast over ik, ik vind het enorm leuk. Ik bedoel, als ik dan toch de ons de les moet worden gelezen, dan graag door jou Alexander. Oké, het is toch ook altijd heel amusant ja. En Maar wat jij goed volgens mij voorleeft, maar wat je ook altijd vindt dat wij in tekort schieten. Dus dat vind ik interessant. Onderwerp ook weer is dat journalistiek ook transformeert naar het vertrouwen in journalistiek. Vaak veel meer in vertrouwen in persoonlijkheden is en dat is ook gekomen door de sociale media revolutie. En Nou, we hebben natuurlijk sommige namen en gezichten in, in, in, in van onze titels, die, die, dat, die rol spelen. Maar we doen het ja, ook nog maar mondjesmaat en niet heel structureel. Jij bent zelf nu ja je. Je bent zelf een eigen merk, in zekere zin je en je bent op televisie en je hebt nieuwsbrieven. Je hebt een uitgeverij en ja, je. Je bedrijft journalistiek, maar die financier je op allemaal verschillende manieren. En wat? Wat kunnen wij daarvan leren?
Oh ja, oké. Nou, ik denk wel vaak dat.
Ja. De vraag is misschien ook kunnen we wat van je leren? Want gaat het goed met je businessmodel?
Ja, nou gaat het lekker. Ik zet geen 2 miljard om. Maar eh, voor een bedrijf met twee, twee man en een paardenkop doen we het heel okay. Ja, ja, ja, God, je vraagt het omdat de. Om de personificatie van journalistiek of. Ik denk dat meer zou moeten.
Ik hoor jullie wel eens zeggen praten over in de podcast. Dat je zegt van ja, waarom, waarom? Waarom breng je jullie figuren waar je vertrouwen in kunt hebben en van wie je het graag hoort en experts niet meer als gezicht naar voren. Waarom doen de Waarom doen de titels in de nieuwsmedia dat niet?
Ja, precies. Ik was laatst was ik. Ik heb een abonnement op alle, alle internationale kranten en het valt me op dat Amerikaanse media veel verder gaan met het maken van nieuwsbrieven rondom personen. Dus niet alleen kun je op columnisten een abonnement nemen, een e-mailnieuwsbrief abonnement, maar vaak ook op onderwerpen. Dus restaurants, recensies ligt voor de hand. Maar ook zo'n rubriek als Slimmer leven. En, en. Maar. Maar niet tien, maar honderden.
Ja, en allemaal hosted newsletters. Want in de In de thumbnails zie je heel vaak een gezicht staan en dat.
Is heel erg.
Rondom.
Mensen gebouwd en het ik. Opeens realiseerde ik me dat best wel een fijne, zoals een fijn anker is om weer herinnerd te worden aan dat het merk bestaat. Want een krant, een papieren krant kon je overheen stappen. Een app is een stuk makkelijker om te negeren als je ook als je een abonnement hebt en in een nieuwsbrief die gaat over het hele medium. Dus de Volkskrant nieuwsbrief van de dag. Ja oké, dat is leuk, maar dat is een beetje vaag en heel breed en daardoor niet urgent. Terwijl als je een bepaalde journalist hebt die je graag volgt, een bepaalde columnist hebt wiens mening je heel serieus neemt en je kan die iedere week in je mailbox krijgen of wat dan ook. Wat dan ook een andere vorm is, kan ook in een app. Dan is het een stuk makkelijker om. Je hebt een makkelijker gevoel denk ik bij een mens dan bij een heel merk of bij een katern. En ik denk dus dat hier heel veel dat er heel veel kansen blijven liggen hieromtrent door een merk van een nieuwsmedium. Bijvoorbeeld aan Nieuwsuur denken dat Nieuwsuur zou ik echt geweldig vinden als de manier waarop zij zich opnieuw uitvinden voor jongere mensen die niet naar lineaire televisie kijken zodat zij hun sterren, want zij hebben gewoon sterren Mathijs Bouman of iemand op geopolitiek of dat je echt die sterren, dat die dat centrale verticals worden waar je allerlei media uitingen omheen bouwt.
Dus die hebben een nieuwsbrief, die hebben een podcast, die hebben een reeks artikelen. Af en toe komen ze op tv om dan een soort van samenvatting of een groot verhaal te doen van wat ze elders in andere uitingsvormen hebben gemaakt. En die teams worden ook gemaakt rondom die sterren. Dat lijkt me heel vet. Dus dat je columnisten hebt die hele teams om zich heen hebben, die content die nu dan verspreid staat over weet ik veel een economie katern of wat dan ook. Dat in de content columnist is, dat het opinie. Maar dat hoeft voor mij niet per se. Maar een expert beter woord, maar die exclusief verbonden is aan een nieuws merk en dat je die volgt lijkt mij heel een hele verfrissende en beter bij deze tijd passende manier om relevant te blijven in iemands dagelijks leven dan een katern of een de het, het toch?
Ik geloof dat ook wel echt. En je.
Ziet de New York Times dit heel goed doen met Ezra Klein, die dus ook van buiten is aangetrokken. Ik weet het ook een idool van jou is en voor vele van onze collega's volgen hem ook goed. En Maar dit is natuurlijk op video en hij heeft ja, hij heeft allerlei vormen, heeft die waarin die tot ons.
Dat vind ik heel cool.
En dit is eigenlijk de manier. In zekere zin.
Is het gebouwd rondom één persoon en ook nieuwsbrieven. Inderdaad, Maar dit is dus waarom ik denk dat het uiteindelijk ook voor de krant goed is. Omdat het disciplineert in het disciplineert niet alleen de journalist zelf, maar ook de het wordt. Het wordt scherper om na te denken over wat het bestaansrecht is in de dag van de Consument.
Ja, en wat de meerwaarde is die je kunt leveren ook zeker in een tijdperk van AI.
En het is nu helemaal niet gebruikelijk om rondom een zeer klein. Ik weet gewoon voor de podcast heeft hij een heel team, een heleboel factcheckers en researchers en alles. In Nederland vinden we dit toch niet zo normaal om dat rondom een journalist neer te zetten. En ik zou dat. Ik denk dat het een heel goed dat zo'n persoon heel goed vehikel is om meer informatie in te stoppen. Lijkt mij heel vet. Ja.
Maar het is ook omdat mensen nog steeds wel zich dus hechten aan bepaalde persoonlijkheden. Dat is dat. Mensen zien in dit geval echt een kanaal om bepaalde informatie.
Ja, ik denk dat. Ik denk dat een stuk laagdrempeliger is om informatie van een mens te krijgen dan van een soort van anoniem instituut of een naam die je niet kent.
Ja.
En dat is nu toch nog wel. Ja. Dus ik denk ook iedere journalist die nu jong een jonge persoon die journalist wil worden, zou ik ook echt tegen zeggen dit moet je doen. Je moet je merk opbouwen met een heel heldere, een soort van focus. Hoe, hoe specifieker, hoe beter om, want dat is je weg naar om in relevantie te vermijden. Als jij denkt ik ga nu stage lopen bij de Volkskrant, dan ga ik hopen op het buitenland katern te werken. Misschien word ik ooit een keer chef. Dan geef ik je wens ik je veel succes. Ja. Ja.
Hè? En jouw eigen weg. Je hebt natuurlijk ooit Blendle opgericht en daarna ben je, ja opnieuw in het op het netvlies van de mensen gekomen. Als ai en deep research noemt je een AI goeroe zendeling.
G ja zendelingen en een AI evangelist.
Evangelist. Ja, noemde die research hè. Nou ja, hij deed dat AI beter is dan de mens zoals.
Deep search heeft het niet.
Verkeerd.
Je moet het wel goed hebben ja.
Waar? Hoe? Hoe zie jij? Want jullie zijn wel leuk aan het experimenteren met ook papieren boeken uitgeven. Wat we natuurlijk echt geweldig!
Dat vind jij grappig!
Ja dat was natuurlijk echt heerlijk dat jij dat jij.
Niet ontgaat.
Mij Alexander. Met dode bomen bezig, dat is.
Daar hebben we hard om gelachen toen je snapte.
Dat snap ik, maar. Maar ik heb nog harder gelachen toen ik er zelf één kocht en ik zag dat ie op één stond of op twee in de top tien. Dus je hebt je daar ook nog gewoon goede business mee gedaan? Ja. En hoe, hoe? En jullie hebben nu net jouw de podcast van jou en Ernst-Jan Pfauth bij UH die al jaren loopt. Podcast over media bom teruggetrokken uit Podimo. En waar ik net eindelijk lid van was geworden.
Oh shit.
Ja, ze kunnen nu ook weer opzeggen. Ja, maar wat zijn jullie dromen? Wat? Hoe gaat dit imperium zich uitbouwen?
Nou, misschien eerst even de vraag waarom heb jij die podcast weer uitgehaald en ben je zelf neergezet?
Omdat ik merkte dat we Toen wij begonnen met pomp bij Podium was het een heel goed moment in de tijd, want ik was net klaar met Blendle en ik was totaal overwerkt. Ik. Ik viel ook een beetje in een zwart gat omdat ik een bedrijf had wat heel veel aandacht en energie slokte.
En ja, want volgens mij een assistent. Had je een burn out.
Ja dan dat zou ik zo zeggen. Dat kun je gewoon zo zeggen ja. Ja. Dus het was heel fijn om heel comfortabel dat daar te gaan maken. En die podcast hebben we in feite gelicenseerd aan dat bedrijf. En dat, dat was voor ons. Heel fijn om dat op dat moment te doen. Alleen met de tijd toen het ook weer beter met mij ging en ik creatiever werd en het ook weer een beetje begon te kriebelen. Ja. Zijn we dus een uitgeverij van boeken begonnen en zijn we in dat jaar toch een beetje een klein AI imperium aan het bouwen. Met een met wat begint met een nieuwsbrief, maar wat nu? Stiekem gewoon een beetje? Onze nieuwsbrief heeft iets van duizendzevenhonderd abonnees. Nu, dat is twee ton aan omzet per jaar, toch? Wat dat oplevert?
Ja, 1700 betaalde abonnees.
Ja dus. Dat is dus serieus geld. En dat, dat smaakt dan naar meer. Omdat we zien. Oh wauw, dit groeit zó ontzettend hard! Want dat is dan vooral het getal waar ik naar kijk.
Hoeveel betalen zij per maand?
€ 12 per maand. Ja, dat smaakt naar meer. En ik ga meer dingen bijbouwen. Gaan we naar allerlei nieuwe dingen bij verzinnen. En allemaal. Allemaal plannen voor. Wat ik er leuk aan vind is dat al die dingen elkaar versterken. Dus de. De optredens op televisie geven mij zichtbaarheid. Het maakt mensen benieuwder zijn naar wat er in die nieuwsbrief staat. Die nieuwsbrief, die leidt weer tot betaalde abonnees, maar óók tot boekenverkoop.
Lezingen en niet te vergeten lezingen.
De boekverkoop leidt weer tot abonnees op de Op de nieuwsbrief. Als mensen in mijn nieuwsbrief geïnteresseerd zijn, komen ze ook weer bij AI terecht. Als ze in POM geïnteresseerd zijn, kunnen ze bij Ernst International Leven zelfhulp imperium komen. Dus al die dingen versterken elkaar. En dat, ja, ik haal daar heel veel voldoening uit. En in het geval van AI als onderwerp denk ik gewoon dat zo'n belangrijk. Ik wou zeggen onderbelicht. Dat is natuurlijk niet, want het gaat de hele fucking tijd over. Maar ik denk wel dat debat de hele tijd meer sophisticated weer, elke keer weer meer sophisticated er gevoerd moet worden. Dus ik, Ik zie het ook. Ik zie mezelf wel als een soort zendeling, omdat ik inderdaad denk dat we het hier veel meer over moeten hebben. Ja. En dus het voelt ook wezenlijk. Dat is leuk. Het is niet alleen maar bedrijfje bouwen. Het is ook gewoon. Ik vind het oprecht een heel wezenlijk onderwerp.
En het is rond in rond inhoud dat je bedrijf Precies.
Dat is wel echt zo.
Maar wat ik wel voel in de informatie die ik over je krijg en lees door en door AI, maar ook omdat ik het daadwerkelijk heb beluisterd via je echte stem. Via AI report.
Denk je toch nog iets echts gedaan?
Ja ik. Ik verwacht en ik hoop en ik vermoed dat jij dat daadwerkelijk zelf bent. Ja, maar je hebt enerzijds die hele optimistische bril en anderzijds ben je toch ook wel een soort van sceptisch. Een soort van argwanend soort van voorzichtig dus. Je Ik vind je tamelijk genuanceerd eerlijk gezegd hierin wat mij wat ik heel prettig vind, want dat, dat herken ik eigenlijk zelf. Ik ben zelf super optimistisch en ik vind alles leuk aan AI. Maar tegelijkertijd denk ik ook oké, maar hoe om in God? Hoe gaan we hierin verder? Hoe? Wat, Wat? Wat komt er allemaal op ons af? En hoe kunnen wij daar in dit geval als DPG media op fatsoenlijk en adequaat op reageren? Want ja, er komt nogal op. Er komen nogal veel dingen op ons af.
En wat is je vraag, Lars?
Dat is een hele goeie.
Je vindt het opvallend dat ik dat ik twee kanten.
Nee, dat vind ik een hele mooie. En ik. Maar ik vraag me af als je zou moeten kiezen, welke zou je dan kiezen? Valt er iets te kiezen hier?
Nee. En ik? Ik voel me ook helemaal niet gedwongen om één van die twee kanten te kiezen. Ik denk wel dat ik in de perceptie van de kijker of van de nieuwsconsument een enorme goednieuwsshow de hele tijd kan brengen.
Ja, want, want.
Wij associëren mij met dat ik het propageer.
Ja, want wij zeggen dan ook tegen elkaar van ja, maar hij heeft een handeltje in AI. Dus daarom is hij altijd zo enthousiast en optimistisch?
Nou, zo kan je. Zo kan je er ook nog naar kijken inderdaad. Maar er is altijd een aanname dat voel ik. En dat vind ik ook wel moeilijk eigenlijk. Dat er Ja, dat hoe kritisch ik ook ben. En volgens mij als je goed naar Jinek uitzendingen kijkt waar ik heel veel tijd en aandacht in stop, dan zie je hoeveel kritiek er eigenlijk in zit en hoe hoezeer men de experimenten die ik daar doe of de demo's die ik geef ja dubbel zijn. Aan de ene kant vind ik het bijzonder dat de technologie bestaat en vind ik dat ongelooflijk. En aan de andere kant denk ik de hele tijd holy shit, Maar dit? Dat betekent A, B en C. En hoezo gaat het hier niet over?
Je zegt dat ook wel heel duidelijk. Ik zeg ook wel vaak waarschuwt.
Vind ik ook. Maar tegelijkertijd als je mensen vraagt die clipping, dan is het alleen maar ja, die komt alleen maar die AI onder onze neus duwen en die is alleen maar positief over. Terwijl het is helemaal niet zo positief hoor. Ik weet niet of je dit allemaal wel moeten willen en dan denk ik dat ik zeg dit de hele tijd, maar dat is dus niet ik. Ik denk toch dat een beetje de legacy is die ik meedraag sinds dat ik bij De Wereld Draait Door heel erg opgewekt zat over alles. Ja, en dat is toch echt wel een hele lange tijd.
Ja, het is ook onderdeel van televisieseries.
Die duren heel lang voort, ook als het niet meer echt waar is. Dat weten wij in de media heel goed.
Ja, En ik, ik, ik. Dat is dus wel iets waar ik bewust mee bezig ben en waar ik ook ja.
Maar anderzijds, de rol die je nu hebt bij Eva Jinek is hetzelfde als bij De Wereld Draait Door. In zekere zin, want.
Toen was ik twaalf jaar oud.
Je hebt je pitch nog steeds dingen. Ja, en je laat dingen zien aan je en je geeft wel. Je zet wel kanttekeningen, maar tegelijkertijd je ja, je pitch daar wel Een marketingbureau wat eventjes de cover van het nieuwe boek van Carry Slee gaat ge gaat promoten. Ja dus dat is Dan snap je toch wel dat die link best wel gemakkelijk gelegd blijft worden?
Dat ik alleen maar positief ben over Ja, ja, ja, ja. Ik snap dat eerlijk gezegd niet, want toen 2/3 van de tijd dat ik erover praat ben ik al alle keerzijden aan het bespreken, maar dat is ik weet niet. Blijkbaar is dat toch niet iets wat dan overkomt of zo?
Ja, en in jullie podcast wil je zelfs urenlang aan het praten over hoe de arbeidsmarkt gaat veranderen.
En we allemaal doodgaan. Ja nee ja nee, dat is zo.
Ja, misschien mag ik daar meteen nog een vraag over stellen. Want die AI reports, ze worden langer en langer. En de laatste en niet de laatste drie aflevering, maar de waren er volgens mij. In de laatste vijf afleveringen waren er minimaal drie die zeker 2.00u en drie kwartier of 2,5 uur. En dan vraag.
Je af waarom?
Nou ja, ik, dat snap ik wel. Want ja je vind het heel leuk om te praten.
Maar niet de reden hoor.
Oh, dat is niet de reden, maar vooral wat zijn de uit de uit luistercijfers daarvan? Daar ben ik, daar ben ik ook wel nieuwsgierig naar. En dan misschien daarna de waarom vraag.
Nou, die hebben we wel met elkaar te maken. De reden waarom we dit opnemen is eigenlijk helemaal niet om een podcast te maken. Dit wordt een boek. Dus de wat we nu eigenlijk aan het doen zijn is er. We zijn eigenlijk het boek hard op aan het voorlezen.
En straks gaat AI dat al die informatie omzetten naar een.
Boek. Nee, dit is dus de. De mens gaat dit boek schrijven. En ik zou willen dat ik het zelf kon doen. Maar daar heb ik mijn. Heb ik niet de aandacht en energie voor? Dus dat doen we samen met iemand. En hoe het proces nu dus werkt, is dat we. We hebben een podcast die we toch al hadden, die we toch al met veel plezier maakt, waar we al werk voor deden en waar mensen naar luisteren. En die proberen we zo goed mogelijk te maken. En daar steken we nu heel veel aandacht in. In voorbereiding. Dat is een heel proces waar inderdaad heel veel bij komt kijken.
Heel veel. Over hoeveel voorbereidingstijd neem je voor een aflevering?
Ja, en ik doe niet alles zelf, maar aan totale mankracht denk ik. Per aflevering. Een aflevering duurt 2.00u. Ik denk iets van drie, vier volle. Volle dagen of zo. Ja.
En. En hoe gebruik je AI daar dan bij? Zeg maar zo praktisch mogelijk.
Ja dus. De. Sowieso, het hele draaiboek wordt met ei geschreven en veel van de antwoorden worden ook al voor gesuggereerd. Dus vragen staan er in, antwoorden staan er in en wat daar? Daar kijk ik maar gedeeltelijk naar, want ik heb gewoon een gesprek en gebruik het als inspiratie. Hij maakt een index van alles wat er in internationale media is geschreven over het onderwerp in die columnist in The New York Times. En vervolgens gaat hij zo'n diep research uitdraai maken. Dan maak ik er vaak wel een paar van. En dan is er hier een redacteur, Sam, en die voegt dan die laat dan alles samenvoegen door AI en we zijn een soort van standaard prompt waar we doorheen trekken. Dus bijvoorbeeld zet alles in een volgorde waardoor de waardoor de logica in komt te staan. Sta stil bij definities van onderwerpen die niet begrijpelijk zijn voor onze doelgroep. By the way, onze doelgroep is ABC en zo. Zo zijn er allemaal, is er een prompt chain en een reeks van allerlei prompts waar dan uiteindelijk een draaiboek uitkomt. En dat kan ik hier best zeggen, inclusief de Ik doe een beetje soort van theatrale openings teksten en van iedere items. Die zijn vrijwel volledig door AJ geschreven. Ja, dat.
Is zeg maar wat.
Je.
Voorleest, toch?
Nou, en dit vind ik dus dit, dit ik. Ik twijfel er dus aan om dit te zeggen. Ik spreek dit nu uit, maar ik twijfel er ook aan om dat te zeggen omdat ik weet dat mensen dat sommige mensen er teleurgesteld over gaan zijn.
Maar dat heb je in de in de podcast zelf toch ook al een keer verteld?
Nou, volgens mij niet, maar misschien wel, maar dan zeg ik het alsnog met enige reserve. Omdat ik weet het, het doet. Als je het luistert, dan doet het. Als je weet dat je naar een gegenereerd spul zit te luisteren, dan doet dat toch iets met je? Ja. En ik zeg het nu omdat ik het denk toch relevant vind in de context van deze van dit gesprek wat wij nu hebben. Omdat het dus zo goed is. Het is echt heel goed wat dat ding maakt. En dat doet hij dus op basis van journalistieke bronnen. Er zijn anekdotes die hij verteld en die dan gelezen heeft in de New York Times of wat dan ook. Dat herverpakt hij in een spreekstijl waar wij dan mooi audio omheen maken. Dat doen we allemaal zelf. En ik, ik, ik, ik, ik. Ik gebruik niet het eind, maar ik. Ik doe echt nog wel een verwerking ervan omdat ik sommige dingen cringe vind. Dat hou ik dan eruit. Maar in grote lijnen is het door mij geschreven en dan hebben we dat gesprek. Dat word dan getranscribeerd en dat dient dan als input voor de persoon met wie we het boek aan het schrijven zijn om daar een boek van te maken. Daarom zijn die afleveringen 2.00u en mijn focus ligt dus nu niet op de luisteraar, maar op de lezer. Grappig genoeg. En ik vind dit super vet aan deze tijd, want dit kon niet twee jaar geleden. En opeens kan dit allemaal en kunnen wij met twee drie mensen zo'n mega productie maken inclusief boeken die hopelijk net zo'n bestseller worden als de als ons vorige boek over AI. Ja, ja, dat vind ik gewoon. Er zit dus het is niet alleen is de inhoud die ik vet vind, het is ook de manier waarop de inhoud wordt geconstrueerd die ik vet vind. En het is een onderneming die weet je met inhoud. Als de basis elkaar soort van versterkt, dan kun je me echt opvegen.
Maar ben je dan niet bang dat je dat het product van de podcast in dit geval aan kwaliteit gaat inboeten, waardoor de luisteraar zich minder bediend voelt en ten koste eigenlijk van de lezer die in de toekomst benut wordt. Omdat het boek er aankomt, omdat je er zoveel informatie in kwijt moet.
Kijk, ik, ik denk dat je eigen ik neem aan dat je denkt dat niet iedereen die 2.00u uit luistert. Verwacht ik. Ja, ik weet het, Ik heb oprecht er niet naar gekeken omdat dit gewoon niet mijn zorg op dit moment is. En ik? Ik denk wel aan het eind van de gesprekken denk ik. Ja, ik schaam me ook niet echt om podcast van 2.00u uit te brengen, want mensen luisteren ook naar podcast van 4.00u met Lex Friedman of met Joe Rogan. Dat vinden ze in Amerika maar volkomen normaal en in Nederland zitten we toch allemaal krampachtig aan dat uurtje vast te houden.
Nou ja, we zitten er gelukkig al overheen, dus het valt allemaal mee.
Maar ik vind het wel een heel interessant aspect aan deze onderneming. Het is sowieso een geweldig experiment. En ja, ik denk dat het ook veel kans van slagen heeft. Maar je huurt nog wel een auteur in en een andere, een schrijver, een boek schrijver die voor jullie van dat door AI gegenereerde substraat van je van jullie podcast een boek componeert. Doe je dat nou omdat het dan beter wordt? Of doe je het? Doe je het omdat mensen het nou eenmaal willen dat iemand het geschreven heeft?
Ja zeker, zeker. Allebei is heel erg waar. Dus het is zeker wordt het veel beter door mensen. Ook omdat Wietze en ik dus de jongen met wie ik dit maak toch ook een beetje wereldvreemde nerds zijn en ik en ik en ik het heel fijn vind dat er iemand bij is die een beetje normaal is en die de doelgroep beter begrijpt en beter nog kanttekeningen kan plaatsen dan dat wij dat doen. En dus daar. Die heeft een hele belangrijke rol. Tegelijkertijd denk ik ook dat als ik zou zeggen dit is een boek wat we uitbrengen over AI en het is. Door AI geschreven gaat niemand het boek kopen. Dat is nu denk ik de. Dus je kan erover liegen, dat kan, dat doe ik niet, maar dat kan. Of je.
Maar je kan ook zeggen ik, ik laat het wel door AI schrijven, maar ik, ik ga er nog heel erg overheen. Ik ben de eindredacteur, net zoals jij bij sommige anderen met je, met je, met je nieuwsbrieven doet. En zo. En haal nog wat dingen weg. Ik ook. En dan, en dan is het toch het boek van Alexander Klöpping.
Is zo maar, maar tegelijkertijd is het. Het loopt sowieso al totaal door elkaar, want die hele voorbereiding is.
Er is ook van jullie. En alles wat jullie gezegd hebben is van jullie. Dus.
Maar dat is wel weer.
Is ook weer op.
Basis van AI voorbereiding. Ja dus het loopt allemaal door elkaar en.
Maar hoe reageren mensen dan op die de dat voorwoord wat je hebt geschreven? Ook voor voordelen van het AI boek. Dat heb je geschreven met Claude. Oh, dat was een gimmick.
Dat was dus dan in dat moment. Kijk, ik vind het nu heel leuk als mensen dit doen, dat ze. En dit was allemaal ai haha, dat zie je mensen op LinkedIn wel eens doen En dit soort van de tijd om dat om dat grapje te maken is geweest. Ja, maar toen het boek uitkwam vond ik dat grappig en had het ook nog wel een soort van zeggingskracht. Dus daarom vond ik dat daar relevant om dat te doen. Ja, ook om dat hele prompt uit te schrijven. Ik denk dat an sich ook al waarde heeft, want de meeste mensen schrijven prompt van één regel. Ja. Dus om te laten zien hoe genuanceerd en gedetailleerd je kan zijn en prompt, en hoe veel beter de output daarvan wordt. Ja, er zijn meerdere dingen die ik daarmee probeer te zeggen. Dus daarom vond ik op dat moment in de tijd dat soort van gelegitimeerd om dat te doen. Maar ja, de tijd is verder en ik denk nu soort van ja, alles wat je uit wat uit mijn mond komt op een of andere manier geïnd. Mediator AI. En het is ook niet anders dan dat dingen tien jaar geleden waren dat ook gewoon een optelsom van de boeken die je had gelezen en de nieuwsprogramma's die je had gekeken op tv. Wat er uiteindelijk uit je pen stroomt? Het is allemaal één groot spiegelpaleis wat met z'n allen aan het doen zijn. Ja dus. Ja.
Maar terug naar de vraag van Philip. Waarom zou je dat dan niet gewoon zelf via de chat GPT je boek gaan schrijven? Waarom?
Omdat ik zeker weet dat niemand dat wil kopen. En ik denk ook oprecht.
Maar ook als je.
Niet genoeg is.
Ja, precies. Maar. Want dus zonder dat je zegt dat je dat het gemaakt is, dat je het hebt, maar dat het gewoon van Alexander Klöpping is.
Ja, dat zou kunnen, maar ik vind dat niet fair of zo. Ik de als, als het echt? Als het echt gewoon alleen maar AI is waar wat je zit te lezen en je kwakt het op papier vind ik niet.
Ja, maar jouw introducties bij AI report die worden geschreven door Chat GPT op basis van jij erin zet je. Je kweekt nog wat dingen dus je maakt het wel je eigen zodat je erachter staat en dat slinger je de ether in. Ja daar sta je.
Dan wel achter, want dat is in de context Ik weet niet, ik vind dat toch anders. Het is in de context van een van een podcast. Maakt het anders dat het over AI gaat? Die podcast. Ik wil niet de. Ik denk bij boeken dat mensen gewoon heel erg.
Boek gaat ook over AI.
Ja, weet ik, maar ik denk dat ook bij boeken mensen gewoon veel meer de associatie hebben dat er dat er noeste arbeid voor gedaan moet zijn, dat het anders geen waardevol product is. Dat denk ik. Ik weet dat niet zeker, maar ik denk gewoon dat niet de verkoop stimuleert.
Maar heel.
Heel.
Erg op.
Dit moment.
Maar helemaal terug. Had je het over. We zijn aan het testen en wij moeten ook testen of onze. Ons publiek testen. Dwingen, Duwen. Hoe ver kun je gaan? Dit is daar een voorbeeld van. Van hoe ver, hoe ver kan ik daarin gaan? En dan? Dan maak je.
Heel veel doen.
Ja, dat snap ik.
Met AI voorbereid, die wordt getranscribeerd door AI. En dan vervolgens gaat er wel een mens mee aan de slag om daar echt een boek van te maken. Ik vind dat daar al meer AI in bij komt kijken dan denk ik bij een gemiddeld boek. En daarnaast. Ben ik ook de hele tijd aan het afwegen hoe wordt iets een commercieel succes en hoe verdiend? Maar gaat iets aandacht krijgen? Het is geen kunstproject. Het is niet dat het een soort van kijk is. Dit is wat AI kan en vervolgens koopt niemand het. Dan vind ik het geen succes.
Nee, nee. Maar je wil ook gewoon iets vertellen en je hebt ook boeken verkopen. Ja, precies. En je hebt en je hebt ook iets te vertellen.
En ook ik heb ook de indruk dat ja, dat ik iets te vertellen heb.
En nog even terug naar die experimenten. Want wat voor experimenten zou jij of heb jij gedaan waarbij je denkt van oké, dit heb ik getest op mijn publiek en dit heeft niet gewerkt en doe ik niet nog een keer op die manier. Dus ik.
Denk.
Dat ik.
Uiteindelijk best voorzichtig ben. Dus de. Kijk.
Dat zijn wij ook.
Ja, maar er zit nog wel iets van ruimte tussen. Nee, ik denk niet dat. Nee, ik vind niet dat ik tot nu toe ergens te ver mee ben gegaan. Ik ben gewoon de hele tijd bezig met deze interactie tussen wat, wat wij als mensen acceptabel vinden om te consumeren en. En wat ik maak, dat is onderdeel van het proces voor mij. En het is heel leuk, want daardoor. Dit verandert de hele tijd en daarom blijft het ook de komende tijd denk ik heel leuk. En dus Ja.
Maar jij dacht jezelf daarin eigenlijk ook uit om te kijken naar.
Dat ik hier nu toegeeft dat veel van die theatrale teksten die heel erg podcast native voelen door een AI geschreven zijn, vind ik best wel wat. Ja, en ik weet ook dat ik. Dit gaat mij wat kosten. Hier gaan mensen over zeuren en dit gaat ook gebruikt worden om dan als er over mijn podcast wordt geschreven om daar laatdunkend over te doen door journalisten die wel alles zelf zeggen. Het is heel voorspelbaar wat voor media dynamiek dat gaat opleveren. Ja. En ja dus. Dus de ik zeg dit nu omdat ik denk het kan in deze tijd relevant voor dit gesprek dus ook belangrijk voor mensen om te weten denk ik dat dit het dat het dat het dit kan, dat het iedereen voor de gek houdt. Ik heb nog nooit iemand gehad die heeft gezegd die teksten, die zijn mooi. Het heeft nog nooit iemand tegen mij gezegd het is gewoon heel goed. Dus ik sta er achter dat ik dit nu vertel. Maar ja, dit is wel een grensgeval. En misschien heb ik. Misschien heb ik hier nu het meest spijt van.
Dat gaat gezeik opleveren. Dat is.
Eerlijkheid.
We kunnen het er nog uitsnijden.
Nee hoor. Nee hoor, gaan we niet doen. Zeker niet. Nee, ben je mal.
Blijf toch journalistiek kapot.
Ja, maar ik, Ik vind het. Ik vind het alleen maar interessant. Want je laat gewoon ook iets zien over het onderwerp waar je mensen iets over wil laten zien. Dus dat, dat is het goeie daarvan denk ik. Zullen we het hierbij houden?
Want ik vond het leuk. Ik vond het echt leuk. Alexander. Dank je wel! Mooi! En je hebt me ook geïnspireerd omdat ik toch ja Ik. Omdat ik zelf in die materie zit en de manier waarop jij AI gebruikt, dat is toch nog wel weer verder de overtreffende trap dan in vergelijking hoe ik het embed in mijn in mijn eigen werk. En dat vind ik toch wel echt tof om te zien.
We hebben allemaal ook een mooie aansporing gekregen om een wat intensievere blik op onze toekomst te werpen en daarmee aan de slag te gaan.
Nou ja, en dat we onszelf gaan opeten, Philippe. Zullen we het daarbij houden?
Nee. Met heel veel plezier denk ik met dit over dit soort dingen na met jullie. Heel leuk!
Dank je wel. Dit was de Media Innovatie podcast. Je luisterde naar Philippe Remarque, directeur journalistiek en Lars Andersson, manager innovatie bij DPG Media. Onze gast dit keer Alexander Klöpping. Blijf luisteren en tot de volgende keer.