De afluisterstaat die we wilden

posted in de Volkskrant

De afluisterstaat die we wilden

De morele verontwaardiging over de Amerikaanse afluisterpraktijken is hypocriet. We hebben er zelf voor gekozen vrijheid in te leveren ten behoeve van veiligheid.

Zomaar vanuit het niets maken westerse burgers en media zich druk over geschonden privacy en burgerrechten door de Amerikaanse regering. President Barack Obama kijkt, net als zijn voorganger, graag mee over de schouder van de argeloze internetter en beller. Onder het mom van binnenlandse veiligheid dwingen Amerikaanse veiligheidsdiensten zoals NSA en FBI de grootste telefonieaanbieders vertrouwelijke gegevens vrij te geven, en doorpluizen ze naar willekeur het internet- en mailverkeer – op zoek naar ‘vijandige elementen’.

De alom gedeelde morele verontwaardiging van het publiek die deze week vrijkwam – gedeeld via Twitter, Facebook, blogs of politieke commentaren – getuigt van een bedroevend staaltje selectief geheugenverlies, is tenenkrommend hypocriet en slechts een erkenning van de verpletterende onverschilligheid die we als burgers sinds 9/11 hebben geëtaleerd.

Wij zijn verantwoordelijk voor het surveillance-apparaat dat zich in de nasleep van de aanslagen in New York in het Westen heeft ontwikkeld. Wij hebben toegestaan dat de politiek in nagenoeg alle westerse landen, in naam van de War on Terror, verregaande wetgeving heeft kunnen doorvoeren die persoonlijke vrijheden inperken. Wij vonden het prima dat de rechtspraak zich verhardde om een vuist te kunnen maken tegen de islamitische terreurgolf.

Wat waren we bang voor de hoofddoeken en djellaba’s. Door een religieuze lone-wolf in Amsterdam en bommen in Madrid en Londen geloofden we bijna echt dat een profeet met een tulband en een lont kon ontploffen. De islam-terreur voelde oncontroleerbaar; mannen met jurken en baarden konden in onze hoofden overal toeslaan. Op diverse plekken werden ze door overijverige, lees doodsbenauwde, burgers verraden en door politie- en veiligheidsdiensten opgepakt. Sommigen omdat ze smoezelden in de trein, anderen omdat ze te langzaam liepen of in tweetallen ‘samenzweerden’.

Alles was geoorloofd om weer enige grip te krijgen op onze zogenaamd ontwrichte samenleving. Controle was het codewoord; en daar hadden we veel voor over. We claimden bij monde van premier Jan Peter Balkenende een prominente rol in de Coalition of the Willing, simpelweg door te bezwijken onder de Amerikaanse retoriek van ‘je bent voor ons of tegen ons’. We moesten het Transatlantische verbond bewaken, zo werd ons op de mouw gespeld. En via de Amerikanen konden we ook onszelf beschermen.

We geloofden het, want weinigen protesteerden.

Vingerafdrukken afgeven is sindsdien doodnormaal; biometrische gegevens in paspoorten vinden we technologisch hip, camera’s op straat geven ons een veilig gevoel, evenals ‘meer blauw’. Op het vliegveld staan horden mensen in rijen met de handen omhoog. ‘Riem af, meneer. Ja, ook de schoenen uit, ja.’ De identificatieplicht, een directe antiterreurmaatregel, is door de meerderheid zonder morren geaccepteerd. Mensenrechten horen alleen bij mensen van de eigen groep. Europese landen keren zich net als de Amerikanen onverschillig af van de pakweg 160 ‘terroristen’ die al jaren zonder enige vorm van proces vastzitten in Guantanamo Bay.

Om ontploffende extremisten een halt toe te roepen hebben we gemakzuchtig onze zwaarbevochten vrijheden weggegeven aan instanties en machthebbers die van nature niet met zulke verantwoordelijkheden kunnen omgaan. Lees het boek Vijanden van de Staat van Tim Weiner, over de geschiedenis van de FBI, en je wéét dat de grootste sul een potentieel doelwit is en dat de bederfelijkste methoden worden ingezet om het eigen gelijk bevestigd te krijgen. Het doel is altijd hetzelfde: de maatschappij controleren door burgers te surveilleren. Liefst die burgers die een bedreiging vormen voor de surveillerende machthebbers zelf.

Geef de staat een vinger en ze lichten je complete doopceel. Dat is wat veiligheidsdiensten doen. Het is hun primaire bestaansrecht; alles uitpluizen binnen de mazen van de wet. En reken erop dat ze het zwaarste materieel inzetten nabij de obscure rafelranden.

Juist daarom is het onwaarschijnlijk naïef geweest dat we antiterreurwetten hebben geaccepteerd die onze vrijheden afnemen. En juist daarom is het zo schrijnend om de hypocrisie waar te nemen van al die zogezegd kritische geesten die tien jaar lang hun mond hebben gehouden, en nu vingerwijzen naar president Obama, zwaaiend met eindelijk eens een kritisch commentaar uit The New York Times. Over ironie gesproken; dit is de krant die met hun kritiekloze berichtgeving na 9/11 heeft bijgedragen aan draagvlak voor de Irak-oorlog en het vergoelijken van radicale antiterreurwetten.

Je oogst wat je zaait, zal de nuchtere boer zeggen. We hebben zo grondig gestrooid, dat het lang zal duren voor we weer wat vrijheden hebben teruggewonnen. Gelukkig zijn we verlost van onze angst voor de islamterreur. Helaas zijn we nu weer doodsbenauwd voor het Orwelliaanse gedrocht dat onze eerste angst moest beteugelen.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *